Werk
Retrievers
De letterlijke vertaling van "retriever" is zoiets als "terugbrenger".
De honden die tot het groepje retrievers behoren zijn dan ook
min of meer specialisten in het opzoeken en apporteren van
geschoten wild. Het
oudste retrieverras is de Curlycoated; het
op een na oudste is de
Flatcoated. Daarna volgden de Labrador
Retriever en de Golden Retriever,
die mogelijkerwijs een nog
sterkere invloed van de geïmporteerde honden
hebben
ondervonden. In het noorden van Amerika ontstond de
Chesapeake
Bay Retriever en in Canada de Nova Scotia Duck
Tolling Retriever, welke
laatste in 1982 werd erkend door de
Federation Cynologique
Internationale (F.C.I.), de internationaal
overkoepelende kynologische
federatie. AI deze rassen, maar
vooral de retrievers die zijn ontstaan
in Engeland, hebben
geschiedenissen die in elkaar grijpen. Ze zijn vaak
meer dan
een beetje aan elkaar verwant en hebben een aantal gelijke
eigenschappen. De verschillen tussen de rassen zijn meestal
terug te
voeren op de inzichten van bepaalde fokkers uit de
beginperiode. Bij een
beschrijving van de Engelse retrieverrassen
ontkomt men, door de grote
onderlinge verwevenheid, niet aan een vergelijking tussen deze rassen.
Historie
De oorsprong van de Flatcoated Retriever ligt in Engeland, waar deze
rashonden werden gebruikt om aangeschoten en dood wild te apporteren. Op
jachtdagen kwamen veel honden met elkaar in aanraking, en hiervoor was
een vriendelijk en gezeglijk karakter een eerste vereiste. Ook moesten
de honden graag te water gaan en moeiteloos dichte dekking overwinnen
zoals bramen en brandnetels.
Moed en uithoudingsvermogen waren nodig voor een dag hard werken. De
basisingrediënten voor dit type jachthond zijn naar alle
waarschijnlijkheid de St. Johns Dog, Spanielvariëteiten. Pointers en
Setters. Door deze honden met elkaar te kruisen en hier weer selectie op
toe te passen kreeg men honden die graag te water gingen, over een goede
apporteer lust beschikten en een uitstekende neus hadden. Een van deze
kruisingen, toen bekend als de 'Wavy-coated Retriever', was erg populair
en met zijn neef de 'Curly Coated Retriever' werd hij door het hele land
gebruikt door zowel jachtopzieners als de jagende notabelen. Deze
'Wavy-Coated Retriever' was de voorloper van de huidige Flatcoat. Naar
alle waarschijnlijkheid is rond 1890 Colliebloed ingefokt waardoor de
gladdere vachten ontstonden. Het was rond 1900 met name Mr. S.W. Shirley
en later Mr. Reginald Cooke (Riverside) die de Flatcoat verder
ontwikkelde. Het werd een ras met zo veel kwaliteiten dat het de meest
populaire Retriever werd tot aan de 1ste Wereld Oorlog. Na deze periode
nam het aantal flatcoats snel af, mede door de enorm toenemende
populariteit van Golden- en Labrador Retrievers. Desalniettemin bleef
een aantal fokkers het ras trouw, waaronder Mr. Stanley O'Neill (Pewcroft)
en Mr. Colin Wells ("W''-kennel). Er volgden andere fokkers van
importantie, waarvan de bekendste Mrs. Dr. Nancy Laughton (Claverdon)
is.
Het is dankzij deze trouwe voorvechters van het ras dat de Flatcoated
Retriever nu nog altijd een bekend en op zich zelfstaand, bijzonder ras
is. Nederlandse liefhebbers van de Flatcoated Retriever hebben in het
begin van de jaren zeventig gastvrijheid genoten bij de Golden Retriever
Club Nederland. Incidenteel zijn in de daaraan voorafgaande jaren
Flatcoated Retrievers geïmporteerd. In 1963 wordt door mr. F.B. s'Jacob
het eerste nest Flatcoated Retrievers in Nederland gefokt. Omdat op dat
moment in Nederland geen geschikte reu voorhanden was, werd sperma
vanuit Engeland overgevlogen. Begin 1972 werd in Nederland een 'eigen'
rasvereniging opgericht, die op 18 oktober 1972 de voorlopige erkenning
van de Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland kreeg. Begin
1973 werd deze omgezet in de definitieve erkenning van de Flatcoated
Retriever Club.
Snel
Van de retrieverrassen wekt de Flatcoated het sterkst de indruk van
snelheid. Zijn hoofd is vrij smal en de stop (de overgang van neusrug
naar voorhoofd) ontbreekt nagenoeg, wat hem een gestroomlijnd profiel
bezorgt. Het lichaam van de Flatcoated is van boven gezien minder breed
dan dat van de Golden, al moeten zijn middelste ribben goed gerond zijn.
Het brede en tonvormige van de Labrador is hem volstrekt vreemd. Zijn
"racy'' uiterlijk dankt de Flatcoated vooral aan zijn Setter voorouders
en aan de Border Collies (meer waarschijnlijk de Working Sheepdogs). De
aard van de Flatcoated past bij zijn uiterlijk en is gericht op actie,
snelheid en afwisseling. Het door en door rustige en stabiele, dat de
andere (meer) moderne retrievers wel over zich kunnen hebben, mist hij.
Nu zijn; over de gehele kynologie genomen, de jongste rassen over het
algemeen gespecialiseerder dan de oudere rassen. De moderne maatschappij
lijkt (of is het inmiddels "leek"?) meer te vragen naar experts dan naar
allrounders.
Lang Jong
Alle honden moeten "rechtlijnig" worden opgevoed, maar de een heeft een
dergelijke begeleiding meer en langer nodig dan de ander. De
Flatcoated behoort tot het soort dat laat volwassen wordt en een rustige, consequente opvoeding
nodig heeft, welke zo mooi wordt beschreven als "een ijzeren hand in een
fluwelen handschoen".
De meeste hondenrassen zijn op de leeftijd van anderhalf jaar al
aardig "fatsoenlijk".
De Flatcoat is
slim, speels en enthousiast van
aard. Hij kan de diverse verleidingen
daarom moeilijk weerstaan.
Zijn aanleg en enthousiaste temperament
nodigen hem tot allerlei
probeersels.
De jonge Flatcoat kan net
zo goed als de Golden en
de Labrador
leren wat er van hem wordt verwacht
maar hij zal
meer & speels de
grenzen verkennen, terwijl hij een
geduldige
begeleiding vereist
om zich tot een stabiele, kalme werker te
ontwikkelen.
Zie verder
karakter en gedrag
Indra (1 jaar) en ons logeerkonijn